De Europese Unie

De Europese Unie (EU) is het belangrijkste samenwerkingsverband in Europa. De deelnemende landen hebben voor deze Unie een aantal organisaties opgericht waaraan zij een deel van hun eigen bevoegdheden hebben overgedragen. Dit zijn onder meer het Europees Parlement, de Europese Commissie, de Raad en het Europese Hof van Justitie. Sinds 1 juli 2013 telt de Europese Unie 28 lidstaten.

Uitgebreide informatie over de Europese Unie vind je op de website: www.europa-nu.nl

De Europese Commissie

P010306001H

De Europese Commissie kan worden beschouwd als het ‘dagelijks bestuur’ van de EU. De leden van de Europese Commissie worden eurocommissarissen genoemd. Elke eurocommissaris is verantwoordelijk voor één of meerdere beleidsgebieden. Momenteel zijn er 28 eurocommissarissen, voor elke lidstaat één. De eurocommissarissen moeten het belang van de Europese Unie als geheel behartigen, niet dat van hun eigen land.

Uitgebreide informatie is te vinden via deze link.

Het Europees Parlement

Het Europees Parlement (EP) vertegenwoordigt ruim een half miljard Europeanen en bestaat momenteel uit 750 afgevaardigden plus de voorzitter. Nederland heeft 26 zetels in het Europees Parlement. De leden van het Europees Parlement worden om de vijf jaar rechtstreeks gekozen door de burgers van de Unie en worden vooral geacht te letten op het belang van de Unie in zijn geheel.

Op deze pagina vind je een overzicht van de verdeling van de Nederlandse zetels.

Nederland in Europa

De Nederlandse ministers vertegenwoordigen ons land in de Raad van Ministers, kortweg de Raad. De minister-president doet dat in de Europese Raad. Ieder land verdedigt de belangen van het eigen land zo goed als mogelijk in de onderhandelingen met de andere landen over nieuwe voorstellen.
In het dagelijks bestuur van de Europese Unie, de Europese Commissie, zit een eurocommissaris uit iedere lidstaat. Van de eurocommissarissen wordt verwacht dat ze werken voor het Europees belang, en niet voor het land waar ze vandaan komen.
In de verschillende Europese instellingen werken burgers uit alle lidstaten, dus ook Nederlanders. Net als bij de eurocommissarissen wordt van de medewerkers van de Europese instellingen verwacht dat ze het Europese belang dienen, en niet het belang van het land waar ze vandaan komen.